Model in beeld - Gwendolyn
Geplaatst op dinsdag 7 juli 2026 Leestijd: 2.5 minuut

Tien jaar later kijk ik terug op dat moment dat ik voor scleroderma framed als fotomodel mocht staan – vastgelegd in een frame, even 'ik'.
Alsof je model staat voor een leven dat langzaam verandert, en elke dag opnieuw probeert een moment vast te houden dat nog een beetje voelt als jezelf.
Maar achter die ene foto heeft de ziekte stil doorgewerkt met de harde waarheid van een lichaam dat steeds meer moet inleveren.
Dat ziet bijna niemand.
Mensen zien een glimlach, een moment, een aanwezigheid.
Maar niet hoe je jezelf soms letterlijk door een dag heen sleept.
Niet hoe elke stap intern een onderhandeling is.
Hoe de rekening pas komt als de stilte terugkeert.
En toch ben ik dankbaar.
Voor mijn gezin, de liefde die blijft. Voor warmte in kleine vormen.
Voor mensen die niet alles begrijpen, maar blijven.
Voor degene die mij werkelijk zien.
Juist als er zoveel verandert, voel je wat er echt toe doet.
En dan is er DE ZEE, mijn favoriete plek, waar ik soms even kan ontsnappen.
Even weg van alles wat mijn lichaam bepaalt.
Even geen strijd, geen grenzen, geen moeten.
Alleen de wind, het water, de ruimte.
Alsof de golven voor even meenemen wat te zwaar is geworden.
Daar waar ik niet hoef vol te houden maar alleen mag zijn.
Onder die beweging van de golven ligt een diepte die stil is. Een rust die niet vecht.
Dan besef ik hoe lang ik alleen maar in de golven heb geleefd.
Altijd aan. Altijd doorgaan. Altijd overleven.
Omdat ik dacht dat stilstaan verliezen was.
En toch– ergens tussen dat voortslepen, die liefde en de zee – ontdek ik dat ik er nog ben.
Niet zoals vroeger.
Alleen nu leer ik dat overleven niet altijd vooruitgaan is, dat de kracht niet altijd zit in blijven doorgaan, maar soms in erkennen hoe zwaar het is en dan toch eindelijk te durven rusten.
Ondanks dat blijft het moeilijk omdat mijn hoofd nog steeds droomt van meer, terwijl mijn lijf me dwingt te kiezen voor minder.
Misschien is dat wel de 'naakte' waarheid van deze ziekte;
Niet alleen wat ze je afneemt, maar dat ze je dwingt afscheid te nemen van het tempo waarmee je jezelf kende.
En misschien wel met de 'rauwe' waarheid;
Dat achteruitgang van je lichaam en de schoonheid van klein geluk naast elkaar kunnen bestaan – niet als troost, maar als twee kanten van dezelfde, onvermijdelijke werkelijkheid.
Alsof je model staat voor een leven dat langzaam verandert, en elke dag opnieuw probeert een moment vast te houden dat nog een beetje voelt als jezelf.
Maar achter die ene foto heeft de ziekte stil doorgewerkt met de harde waarheid van een lichaam dat steeds meer moet inleveren.
Dat ziet bijna niemand.
Mensen zien een glimlach, een moment, een aanwezigheid.
Maar niet hoe je jezelf soms letterlijk door een dag heen sleept.
Niet hoe elke stap intern een onderhandeling is.
Hoe de rekening pas komt als de stilte terugkeert.
En toch ben ik dankbaar.
Voor mijn gezin, de liefde die blijft. Voor warmte in kleine vormen.
Voor mensen die niet alles begrijpen, maar blijven.
Voor degene die mij werkelijk zien.
Juist als er zoveel verandert, voel je wat er echt toe doet.
En dan is er DE ZEE, mijn favoriete plek, waar ik soms even kan ontsnappen.
Even weg van alles wat mijn lichaam bepaalt.
Even geen strijd, geen grenzen, geen moeten.
Alleen de wind, het water, de ruimte.
Alsof de golven voor even meenemen wat te zwaar is geworden.
Daar waar ik niet hoef vol te houden maar alleen mag zijn.
Onder die beweging van de golven ligt een diepte die stil is. Een rust die niet vecht.
Dan besef ik hoe lang ik alleen maar in de golven heb geleefd.
Altijd aan. Altijd doorgaan. Altijd overleven.
Omdat ik dacht dat stilstaan verliezen was.
En toch– ergens tussen dat voortslepen, die liefde en de zee – ontdek ik dat ik er nog ben.
Niet zoals vroeger.
Alleen nu leer ik dat overleven niet altijd vooruitgaan is, dat de kracht niet altijd zit in blijven doorgaan, maar soms in erkennen hoe zwaar het is en dan toch eindelijk te durven rusten.
Ondanks dat blijft het moeilijk omdat mijn hoofd nog steeds droomt van meer, terwijl mijn lijf me dwingt te kiezen voor minder.
Misschien is dat wel de 'naakte' waarheid van deze ziekte;
Niet alleen wat ze je afneemt, maar dat ze je dwingt afscheid te nemen van het tempo waarmee je jezelf kende.
En misschien wel met de 'rauwe' waarheid;
Dat achteruitgang van je lichaam en de schoonheid van klein geluk naast elkaar kunnen bestaan – niet als troost, maar als twee kanten van dezelfde, onvermijdelijke werkelijkheid.


